Thema in de spotlight: Mentale Gezondheid
4 vragen aan thematrekker Sabine Schilt, Regiocoördinator bij Parnassia Groep en thematrekker van het thema Mentale Gezondheid. Lees in dit interview welke stappen zij zetten, wat samenwerking hen oplevert en hoe de instelling van de samenleving een rol kan spelen in de transformatie van Zorg en Welzijn.
Waar staat het thema nu?
Het thema Mentale Gezondheid is heel breed. Van aandacht voor preventie tot aan de cruciale GGZ. Ons doel is het toegankelijk houden van de zorg en ondersteuning die mensen met mentale problemen nodig hebben. De toegankelijkheid en beschikbaarheid van deze zorg en ondersteuning staat onder druk door de toenemende vraag en het oplopende personeelstekort in de sector. Dat maakt ook dat we vanuit het thema Mentale Gezondheid met elkaar op zoek zijn naar slimme manieren om zorg en ondersteuning anders te organiseren. Zodat inwoners ook in de toekomst kunnen rekenen op deze zorg en ondersteuning. Denk bijvoorbeeld aan het anders inrichten van behandelingen voor verschillende diagnose groepen, het gezamenlijk ontwikkelen van een groepsbehandeling of het onderzoeken van de inzet van digitale consulten. Op die manier verminderen we bijvoorbeeld het aantal wachtenden op een wachtlijst en kunnen mensen sneller de zorg krijgen die ze nodig hebben.
Daarbij werken we samen met partijen op het gebied van mentale gezondheid maar ook daarbuiten, zoals in Welzijn.
Welke stappen heb je gezet?
We zijn volop bezig met het opzetten van Mentale Gezondheidsnetwerken in de regio. Hierin verbinden we huisartsen, sociaal domein en de ggz met elkaar. Een belangrijk onderdeel hierin is het Verkennend Gesprek samen met het sociaal domein. In deze gesprekken wordt onderzocht hoe de vraag van een inwoner het beste beantwoord kan worden. Soms heeft een inwoner last van depressieve gevoelens en overbelasting maar blijkt dat de aanleiding hiervoor schulden zijn. Inzetten op hulp bij het oplossen van deze schulden kan dan de hulp zijn die iemand echt nodig heeft om zich mentaal beter te voelen. Hiermee is de inwoner sneller en beter geholpen bij zijn of haar hulpvraag en kunnen we voorkomen dat er mensen op een wachtlijst voor de ggz komen die op andere manier beter geholpen zijn.
Een mooie stap vooruit is de ontwikkeling van de Digitale Transfertool. Deze tool geeft realtime inzicht in wachttijden, inclusiecriteria en beschikbare ggz‑zorg in de regio. Verwijzers kunnen daardoor sneller en gerichter verwijzen, omdat de zorgvraag automatisch wordt gekoppeld aan het meest passende aanbod. Zo komen inwoners sneller op de juiste plek en zijn zorgprofessionals minder tijd kwijt aan het overplaatsen van mensen op de wachtlijst. We trekken hierin nauw op met het thema Regionaal Integraal Capaciteitsmanagement (RICM).
Wat levert samenwerking jouw thema op?
Met het samenwerkingsverband Rijnmond Mentaal Gezond verbinden we alle partijen op het gebied van mentale gezondheid. We delen wat er speelt en welke projecten er lopen. Op die manier leren we van elkaar, inspireren we elkaar en vinden we niet allemaal opnieuw het spreekwoordelijke ‘wiel’ uit. Dat heeft meerwaarde.
Gezond naar Morgen is daar nog een uitvergroting van. Hierin doen nagenoeg alle sectoren mee. Natuurlijk is een ziekenhuis anders dan een organisatie op het gebied van mentale gezondheid, maar uiteindelijk komen we dezelfde soort ontwikkelingen en thema’s tegen in de transformatie waar we met elkaar in bezig zijn. We kunnen veel van elkaar leren.
Bovendien kun je het als sector niet meer alleen. De mensen waar voor we het doen komen niet alleen in de GGZ of bij de maatschappelijke opvang, zij komen ook in het ziekenhuis, bij de huisarts en in de wijk bij het sociaal domein. Juist op dat snijvlak zit de winst. Daar kunnen we slimme verbindingen leggen en op een slimme manier gebruikmaken van elkaars kennis en kunde. Om verder te komen in de transformatie heb je elkaar nodig. We moeten het echt samen doen.
Hoe zie jij de toekomst van Mentale Gezondheid?
In de toekomst hoop ik dat we als organisaties en sectoren nog meer de onderlinge samenwerking en synergie opzoeken. Dat er een natuurlijke wisselwerking ontstaat waarin we van elkaar leren en samen nadenken over slimme oplossingen, zodat inwoners in onze regio de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben om goed in het leven te staan.
Ik heb daar vertrouwen in, want ik merk nu al dat er een mooie energie in onze samenwerking zit.
Verder hoop ik dat mentale gezondheid in de toekomst minder in de taboesfeer zit. Dat we niet meer schrikken als iemand zegt dat het even niet zo goed gaat, maar gewoon kunnen zeggen: “Vertel maar.” Dat we elkaar wat makkelijker opvangen als iemand zich somber of ongemakkelijk voelt — want eerlijk, we hebben allemaal weleens zo’n periode.
Als we dat samen wat normaler maken, hoeft niet iedereen meteen naar professionele hulp. Dan blijft de GGZ beschikbaar voor mensen die het echt nodig hebben. Het vraagt bewustwording, maar ik blijf geloven dat we daar als samenleving uiteindelijk toe in staat zijn.