Naar de inhoud

Thema in the Spotlight: RICM

Geplaatst op: 29 september 2026

Zes vragen aan Sasha van Beijsterveld, thematrekker en programmamanager RICM. Lees in dit interview over samen leren, data als basis voor keuzes en de uitdaging om het regionale belang boven het lokale belang te stellen


Wat doet RICM ?

Met Regionaal Integraal Capaciteitsmanagement (RICM) werken zorg- en welzijnsorganisaties samen om de regionale zorgvraag en de beschikbare capaciteit beter op elkaar af te stemmen. We brengen in beeld welke zorg nodig is, welke capaciteit beschikbaar is en waar in de patiëntreis knelpunten ontstaan. Vervolgens vertalen we die inzichten gezamenlijk naar concrete verbeteringen.

Daarbij kijken we nadrukkelijk over de grenzen van organisaties en domeinen heen. Integraal capaciteitsmanagement gaat niet alleen over bedden, plekken of aantallen medewerkers, maar juist over de samenhang tussen zorgvraag, processen, personele inzet en voorzieningen. Het doel is de juiste zorg op de juiste plek. Een patiënt beweegt vaak door verschillende onderdelen van de zorgketen. Juist daarom kijken we niet vanuit afzonderlijke organisaties, maar volgen we de patiëntreis door de hele keten. Zo wordt zichtbaar waar de doorstroom stokt en waar betere afstemming tussen organisaties nodig is.

Sasha van Beijsterveld RICM

Mening naar meting

Om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen, is inzicht de eerste stap. Dat inzicht ontstaat door beschikbare data uit de verschillende domeinen samen te brengen. Zo kijken we niet alleen naar afzonderlijke organisaties, maar ontstaat een eerste gezamenlijk beeld van de regionale zorgvraag en de beschikbare capaciteit.

Dat eerste regiobeeld is het vertrekpunt. Het laat zien op welke onderdelen verdere verdieping nodig is. Vervolgens kijken we gerichter naar bijvoorbeeld doelgroepen en zorgzwaarte. Samen met professionals duiden we wat de data laten zien en welke aanvullende inzichten nodig zijn. Zo werken we stap voor stap van een breed regionaal beeld naar inzichten waarop organisaties gezamenlijk keuzes kunnen baseren.

Gemeenschappelijke taal

Om data uit verschillende organisaties en domeinen goed te kunnen vergelijken, moeten we dezelfde begrippen en definities gebruiken. Anders vergelijken we appels met peren en ontstaat geen betrouwbaar regionaal beeld. Daarom werken we binnen RICM aan eenduidige definities voor onder meer zorgvraag, aanbod en capaciteit. Dat is een belangrijke voorwaarde om de data gezamenlijk te interpreteren en keuzes goed te onderbouwen.

Waar staan jullie nu?

Sinds de start op 1 oktober 2025 bouwen we tegelijkertijd aan de RICM-methodiek, de regionale samenwerking en de praktische toepassing. De eerste regionale inzichten zijn beschikbaar en de eerste RICM-adviezen zijn uitgebracht. Via het Lerend Netwerk, concrete usecases en de regionale data-infrastructuur leggen we de basis om regionaal integraal capaciteitsmanagement stap voor stap structureel toe te passen.

Lerend Netwerk

In het Lerend Netwerk ontwikkelen deelnemende organisaties hun kennis en vaardigheden op het gebied van integraal capaciteitsmanagement. Zij werken volgens het actie-leermodel aan een eigen praktijkvraagstuk en delen ervaringen, instrumenten en lessen. Tegelijkertijd krijgen organisaties meer inzicht in elkaars processen en onderlinge afhankelijkheden. Dat is belangrijk, omdat een lokale keuze gevolgen kan hebben voor de capaciteit elders in de keten. De eerste groep loopt tot het einde van dit jaar; daarna start een nieuwe groep.

Regionale usecases

Naast leren zetten we de RICM-methodiek in bij concrete regionale usecases. Binnen de usecase Kortdurende Zorg (KDZ) werken ziekenhuizen en VVT-organisaties aan een betere matching van vraag en aanbod in de kortdurende zorg, met als doel dat patiënten tijdig kunnen doorstromen naar een passende plek. Binnen de SEH-usecase onderzoeken we hoe regionale data kunnen helpen om patronen in acute zorgstromen beter te begrijpen en gerichter te sturen. Ook verkennen we samen met GGZ, huisartsen en welzijn nieuwe vraagstukken. Zo toetsen en verbeteren we de aanpak in de praktijk.

Regionale data- infrastructuur

Data en informatie vormen het fundament onder RICM. Daarom bouwen we aan een veilige regionale data-infrastructuur waarin deelnemende organisaties gegevens gecontroleerd kunnen samenbrengen en vertalen naar bruikbare inzichten. De blauwdruk is afgerond en binnen de proof of concept stroomt inmiddels geanonimiseerde data van deelnemende organisaties. Nu gaan we na een evaluatie verder naar een volgende fase.

Jullie zijn vliegend van start gegaan. Waar ligt nog ambitie?

Ik ben echt trots op wat we sinds eind vorig jaar samen met de regio hebben opgebouwd. Tegelijkertijd moeten we realistisch zijn: RICM is een meerjarige ontwikkeling en we staan nog maar aan het begin. Er is nog veel gezamenlijk werk nodig om de aanpak verder te ontwikkelen en structureel toe te passen. De komende periode voeren we daarom meer usecases uit. Zo leren we in de praktijk wat werkt, scherpen we de methodiek verder aan en bouwen we stap voor stap aan betere regionale inzichten in vraag en capaciteit.

Wat levert de samenwerking bij Gezond naar Morgen jouw thema op?

Voor RICM is de verbinding tussen alle partijen essentieel. We willen domeinoverstijgend werken en juist de verschillende organisaties en domeinen met elkaar verbinden. De samenwerking binnen Gezond naar Morgen helpt om die verbinding te versterken.

Regionaal samenwerken vraagt soms om het eigen belang los te laten. Hoe kijk jij daarnaar?

Dat is misschien wel de kern van de opgave. Door de groeiende zorgvraag en het tekort aan professionals kunnen we schaarse capaciteit niet langer per organisatie optimaliseren. Een oplossing die lokaal logisch lijkt, kan elders in de keten juist een nieuw knelpunt veroorzaken. Daarom moeten we keuzes steeds vaker afwegen vanuit het effect op de hele patiëntreis en op de regio als geheel. Dat vraagt transparantie over belangen, vertrouwen in elkaars informatie en de bereidheid om samen besluiten te nemen.

Dat betekent niet dat organisatiebelangen verdwijnen, maar wel dat we ze bespreekbaar maken en verbinden aan het gezamenlijke doel. Als we daarin slagen, verbeteren we niet alleen de doorstroming voor patiënten, maar ontstaat ook meer voorspelbaarheid en rust voor professionals.

Nog even terugkomend op de patiëntreis. Wat gaat die patiënt nou merken als RICM straks staat?

We hopen dat in de toekomst zoveel mogelijk mensen de juiste zorg op de juiste plek krijgen, met waar mogelijk minder wachten en een betere aansluiting tussen organisaties. Bijvoorbeeld doordat een patiënt na een ziekenhuisopname sneller kan doorstromen naar een passende plek in de kortdurende zorg.

Daar gaat RICM uiteindelijk over: dat zoveel mogelijk mensen passende zorg of ondersteuning krijgen, op de juiste plek en op het juiste moment.